עצ החיים פורח

De Bloeiende Levensboom

Interviews

Ido Abram (1940)

 

Ido Abram

Geen kunstenaar en toch willen wij Ido Abram heel graag een interview afnemen. Na het lezen van het volgende artikel was het voor ons duidelijk dat we hem aan ons mozaïek van Joodse expressies moesten toevoegen. Door zijn werken als bijzonder hoogleraar holocausteducatie aan de Universiteit van Amsterdam en als directeur van Stichting Leren menen wij veel van hem te kunnen leren. En hopen wij dat hij ons idee, in amateurisme geboren, om tot een mozaïek van Joodse expressie te komen, een wat professionelere insteek kan geven. Daarnaast is het gewoon interessant wat hij te vertellen heeft.

 

Er zijn vele manieren om Joods te zijn

 

Hangen wij een religie aan of zijn wij een volk? Er zijn rabbijnen die niet in God geloven. Die zeggen dat het niet om ‘geloven’ gaat - dat is christelijk - maar om ‘doen’. De meeste Joden in de wereld zijn overigens niet religieus. En bestaat het Joodse volk eigenlijk wel? Als we een volk definiëren als een groep mensen op één grondgebied, met één taal en één cultuur, dan vormen wij geen volk. Maar wij trekken ons van die algemene definitie niets aan. Een typisch voorbeeld van Joodse eigenwijsheid. God heeft ons immers uitverkoren en ons het ‘uitverkoren volk’ genoemd. Dus een volk zijn we. Die uitverkorenheid maakt ons betweterig: we zijn het zelden met elkaar eens, laat staan met anderen. Het bekende gezegde “Twee Joden, drie meningen” verwijst ernaar. Het toont zich ook in de manier waarop wij ons leven inrichten. We vinden dat er vele manieren zijn om Joods te leven. Alle even authentiek. Wat moet of kan een Jood doen om niet meer Joods te zijn? Ook daarop hebben we een antwoord. Hoe je ook leeft, een Jood of Jodin blijf je altijd. Dat betekent niet dat alles goed is wat je doet. Integendeel. De Tien Geboden en de daaruit afgeleide 613 ge- en verboden zijn er niet voor niets. Maar zelfs de grootste crimineel kan te allen tijde tesjoeva doen, spijt betuigen en zijn leven beteren. Zo houden we de Joodse familie bij elkaar. Het Jodendom is beter te begrijpen als een ‘familie’ dan als een ‘religie’ of ‘volk’. Niet als een heilige familie, maar als een familie met schurken en helden, met loyaliteiten en vetes. Naast gekibbel en gekissebis is er evengoed steun, vertrouwen en genegenheid. Door de eeuwen heen hebben rivaliserende Joodse stromingen en sekten heel wat brokken gemaakt. Maar ze hebben ook iets anders voortgebracht: een buitengewoon kleurrijke cultuur waarin elke Jood (m/v) een plek kan vinden en zich thuis kan voelen. Of ze nu Abraham, Sara, Mozes, Esther, Flavius Josephus, Maimonides, Spinoza, Marx, Herzl, Kafka, Freud, Schönberg, Einstein, Golda Meir heten of andere - ook onbekende - namen dragen. Allen behoren ze tot de Joodse familie. Elk familielid dat de moeite wil doen zich in die familiecultuur te verdiepen, draagt eraan bij. Daarom adviseert Hillel ons: “Doe een ander niet aan, waar jij zelf een hekel aan hebt. Dat is de hele Tora. De rest is commentaar en discussie. Ga en leer!” Blijf je verstand gebruiken en maak elkaar het leven niet zuur.

 

Ido Abram

 

 

Door een misverstand komen we ruim een uur te vroeg aan in de sjoel van de liberaal joodse gemeente in Amsterdam voor onze afspraak met Ido Abram. Even balen we flink. We hadden nog een wandeling op het strand van Egmond kunnen maken en wat extra genieten van de eerste lente. Maar al snel verzadigen we ons aan de lente sfeer die in deze synagoge heerst. Uit verhalen over vroeger en van wat ik jaren geleden in New York heb kunnen ervaren weet ik dat de synagoge naast een gebedshuis ook een ontmoetingsplaats en een leerhuis kan zijn. Maar dat was uit mijn herinnering verdwenen.

In de grote ontmoetingsruimte zitten overal mensen gezellig met elkaar te praten, anderen drinken een kop koffie terwijl ze in een boek aan het lezen zijn. Je voelt een gemeenschapssfeer ook wanneer je dat wat hen verbindt nog niet weet. Toch is het antwoord al op de achtergrond, maar overduidelijk, aanwezig. Een geroezemoes van vrolijke kinderstemmetjes.

“Het spijt me dat jullie moeten wachten maar ik kan jullie niet eerder ontvangen. Het is zondagochtend, dan hebben we hier Joodse les voor onze kinderen en ik ben een van hun leraren.” Dus die mensen beneden wachten gezamenlijk op kinderen die, zoals Ido ons later zal laten zien, gehoorzamen aan de verplichting waartoe hun Joodse identiteit hen oproept. ‘Permanent leren.’ Dat het gehoor geven aan deze oproep een sfeer van verbonden zijn geeft was duidelijk voelbaar. Het deed de prikkeling van de lente ook in de synagoge aanwezig zijn.

 

 

Welke plaats neemt het 'leren' in de joodse traditie in? Welke begrippen zijn onlosmakelijk verbonden met dit leren?

 

Je moet leren om te weten hoe je je moet gedragen. Maar dit is slechts een deel van het antwoord. Je studeert de Torah omdat dit het woord van God is. Studeren is niet een religieuze ervaring, maar een verplichting voor iedereen. Studie brengt je verder. Studie maakt je gaver. Daarom moet je steeds zoveel mogelijk studeren. Je bestudeert belangrijke ideeën niet (alleen) om ze te kennen, maar om te weten te komen hoe ze ontstaan zijn. Het gaat niet om de resultaten, de belangrijke ideeën, maar om de manier waarop je tot die ideeën komt. In de Talmud worden steeds de discussies en meningsverschillen vermeld, maar niet altijd de conclusies. Leren is het voortdurend stellen van vragen en het luisteren naar antwoorden. De antwoorden staan steeds ter discussie. Er zijn wel pogingen ondernomen om de resultaten van de discussies samen te vatten , maar dit diende nooit ter vervanging van de talmudtekst. De samenvattingen zijn nooit als eindpunten bedoeld, maar juist als beginpunten voor verdere studie.

 

(Over genomen uit het proefschrift (1980, 1986), ‘Joodse traditie als permanent leren’ van dr. I. B. H. Abram.)

 

Nog niet eerder heb ik me zo voorbereid op een interview. Meestal is er een schilderij, een beeld, muziek en of een herinnering aan een lezing aanwezig dat iets van de expressie met zich meedraagt waarnaar we opzoek zijn en daardoor het interview al op voorhand een zekere richting geeft. Deze keer is het anders. Het is wat Ido te vertellen heeft dat ons op de eerste plaats aantrekt en dat vraagt om enigszins belezen naar het interview te gaan, om zeker te weten dat ik hem wel goed begrepen heb.

Deze onzekerheid valt meteen weg wanneer hij ons vol enthousiasme vertelt wat hij het afgelopen uur met de kinderen gedaan heeft.

 

 

 

 

 

Bij schrift bij "schijf van vijf":

Vijf ervaringsgebieden vormen vandaag de identiteit van de in Nederland wonende jood: de joodse cultuur, Israël, de Sjoa (Holocaust) / antisemitisme (jodenhaat), iemands persoonlijke levensgeschiedenis en de Nederlandse cultuur. De gekozen volgorde van de trefwoorden is willekeurig; de eerdere trefwoorden zijn niet belangrijker dan de latere.

Dit is in een formule weer te geven en uit te schrijven:

Joodse identiteit = I + II + III + IV + V, waarin

  1. = de joodse religie, cultuur en traditie (afgekort tot de joodse cultuur),
  2. = Israël, zionsverlangen en zionisme (afgekort tot Israël),
  3. = de Sjoa en antisemitisme, vervolging en overleving (afgekort tot de Sjoa en antisemitisme),
  4. = iemands persoonlijke levensgeschiedenis (afgekort tot de persoonlijke levensgeschiedenis),
  5. = de Nederlandse cultuur en omgeving (afgekort tot de Nederlandse cultuur).

Met een ‘schijf van vijf’ is dit ook schematisch te illustreren. (voor verdere uitleg van deze schijf.)

 

De schijf van 5.

Copyright © All Rights Reserved